Differentiatie en kansen(on)gelijkheid: wat zegt de wetenschap? 

Pomme van de Weerd is universitair docent bij de afdeling Pedagogiek in Diverse Samenlevingen (DEEDS) van de Universiteit Utrecht en als onderzoeker betrokken bij de werkplaats differentiatie op het Farel College. Ze doet onderzoek naar het Nederlandse voortgezet onderwijssysteem, en dan met name naar homogeen en heterogeen onderwijs binnen het bredere thema van gelijke kansen. Differentiatie hangt hier nauw mee samen. Pomme: “In de wetenschap worden twee vormen van differentiatie onderscheiden: externe en interne differentiatie. Externe differentiatie is dat je leerlingen indeelt op niveau, dus in homogene klassen. Hoe strakker en vroeger je dat doet, hoe meer dit kansenongelijkheid teweegbrengt.” Pomme zet hiervoor drie redenen op een rij:

  1. Hoe vroeger je de selectie maakt, hoe sterker factoren als achtergrond en opleiding van ouders een rol spelen. Vooral leerlingen die een migratieachtergrond hebben of uit een kwetsbaarder milieu komen, hebben doorgaans meer tijd nodig om te komen tot het niveau dat bij hen past. Pomme: “Als op elfjarige leeftijd een niveau wordt bepaald, zie je dat buitenschoolse factoren veel zwaarder wegen dan wanneer die beslissing op latere leeftijd wordt gemaakt.” 
  • De didactiek binnen de verschillende niveaus heeft invloed op de mate waarin leerlingen de kans krijgen om te leren. De manier van lesgeven bij de meer theoretische niveaus (vwo en havo) – met bijvoorbeeld veel ruimte voor kritisch nadenken – leidt doorgaans tot meer leren dan bij het vmbo, waar bijvoorbeeld meer nadruk ligt op het leren van regels. Pomme: “De onderwijsvorm an sich maakt dat een leerling meer of minder leert, omdat hij simpelweg meer of minder aangeboden krijgt.”
  • Peer-effect zorgt voor (leer)winst in brede zin. Leerlingen voor wie leren lastiger is, hebben er baat bij samen te werken met leerlingen voor wie leren makkelijker is. De sterke leerling lijkt andersom niet veel aan leeropbrengst te verliezen in een heterogene klas. Pomme: “In de meeste onderzoeken winnen ook deze leerlingen iets, al zijn er ook een paar onderzoeken waaruit blijkt dat het voor vwo-leerlingen voordelig kan zijn in een homogene klas te zitten. Maar op het vlak van samenwerken en burgerschap is de winst van meer diversiteit in de klas sowieso groot.”

Interne differentiatie gaat over het aansluiten bij het niveau en de ontwikkeling van een leerling binnen de klas. De leerling die meer aankan krijgt meer uitdaging en de leerling die het lastiger heeft, krijgt meer ondersteuning. “Op het moment dat we niet meer zo vroeg extern willen differentiëren, hebben we interne differentiatie nodig”, aldus Pomme. “Maar ook in heterogene klassen leidt interne differentiatie tot meer kansen voor leerlingen.” 

Meer lezen over de werkplaats differentiatie? Check deze link.

Agenda

Actueel

Kennisbank PO-VO

Projectgroepen